Leidse MilieuRaad

hoofdmenu
  • home
  • vergaderdata 2012
  • agenda komende vergadering
  • samenstelling van de LMR
  • uitgebrachte adviezen
  • fotohoekje
  • begrippen-ABC
  • Links
  • contact informatie
  • leden LMR

2002 - Regionaal Verkeers- en Vervoersplan (RVVP)

Print

 

Leidse MilieuRaad
Postbus 159
2300 AD LEIDEN
telefoon 071–5167556

Datum: 25 september 2002

 

Advies Regionaal Verkeers- en Vervoersplan (RVVP)

LS,

De LMR heeft met belangstelling kennis genomen van het Regionaal Verkeers- en Vervoersplan Leidse Regio en Duin en Bollenstreek (RVVP). De LMR zal binnenkort zijn adviesrol verbreden naar de regio. Deze stap is echter nog niet definitief. Daarom beperkt onze reactie zich tot de uitgangspunten uit het RVVP en op de belangrijkste consequenties van het plan voor Leiden.


Uitgangspunten RVVP

Als uitgangspunt wordt gestreefd naar een evenwichtige samenhang tussen de verschillende vervoerswijzen. Keuzevrijheid in vervoerswijzen is van belang. Gesteld wordt dan ook dat "mobiliteit mag" onder voorwaarde dat groei beheerst plaatsvindt en niet ten koste gaat van de leefbaarheid. Vanwege dat laatste worden tal van maatregelen voorgesteld die de LMR een warm hart toedraagt: ruim baan voor de fiets, beprijzing bij schaarste, een goed OV netwerk, ketenmobiliteit, vervoersmanagement en dergelijke. Pas in laatste instantie zullen benodigde aanpassingen in de wegenstructuur plaatsvinden.

Het streven naar evenwicht klinkt sympathiek, echter zoals het RVVP ook terecht constateert: de milieubelasting neemt evenredig toe met het aantal autokilometers en de mate van congestie.

Het terugdringen van het aantal autokilometers is in eerste instantie van belang voor beperking van de geluidsoverlast. Daarnaast vormt vormt het - net als het gebruik van duurzame energiebronnen- een belangrijk instrument om te komen tot de (6%) reductie van CO2 uitstoot in gemeenten zoals overeengekomen met het Kyotoverdrag.

Tegen die achtergrond zou niet zozeer naar een evenwicht gezocht moeten worden, maar prioriteit moeten liggen bij vervoersstromen die het milieu het minst belasten en die gericht zijn op het terugdringen van het autogebruik. De voorgestelde maatregelen kunnen daartoe bijdragen mits die niet vrijblijvend zijn maar onder regie van de regio daadkrachtig gestuurd worden.

Park en Ride

Het voorstel om de mogelijkheden voor een P+R terrein aan te leggen in de omgeving van Station Lammenschans, kan op steun van de LMR rekenen. Als jaren pleiten wij voor meer parkeervoorzieningen aan de rand van de stad ter ontlasting van de parkeerdruk in de binnenstad. Het succes van het Haagwegterrein bewijst dat Park en Ride voorzieningen, mits op de gebruikersbehoefte afgestemd, zeer functioneel kunnen zijn. Natuurlijk zullen dergelijke voorzieningen in samenhang met de parkeerfaciliteiten in de binnenstad moeten worden aangebracht. Dit betekent dat de aanleg van een P+R terrein bij Station Lammenschans onmogelijk samen kan gaan met uitbreiding van de parkeermogelijkheden in de binnenstad.


Verkeersveiligheid

Tot tevredenheid van de LMR vormt de verkeersveiligheid een belangrijk aandachtspunt in het RVVP. Terecht, immers het aantal verkeersdoden in Leiden mag dan enigszins afgenomen zijn, het aantal verkeersgewonden is de laatste jaren spectaculair gestegen. Stevige doelstellingen zijn dan op zijn plaats. Onlangs heeft het nieuwe kabinet de landelijke norm voor terugdringing van het aantal verkeersdoden en gewonden afgeschaft. De LMR adviseert om deze normen in Leiden e.o. onverkort te handhaven.

Het is bekend dat te lange wachttijden voor fietsers en voetgangers een risicofactor ten aanzien van de veiligheid vormen omdat deze verkeersgroepen dan op eigen houtje gaan oversteken.

Momenteel liggen voorstellen ter inzage voor verbetering van de verkeersveiligheid van de kruispunten aan de Churchilllaan; kruispunten met relatief veel langzaam-verkeer-ongelukken als gevolg van roodlichtnegatie. Gezien de onduidelijke toekomst van deze weg wordt (nog) niet gekozen voor ingrijpende maatregelen als fietstunnels of voetgangersbruggen. De LMR heeft daar begrip voor. In algemene termen echter adviseert de LMR om bij zwaarbelaste doorgaande autowegen die kruisen met doorgaande fiets- en voetgangersroutes, te kiezen voor verdergaande maatregelen. Ondertunneling van de autoweg, zoals gewenst voor de Willem de Zwijgerlaan, geniet qua luchtkwaliteit (onder meer de uitstoot van fijn stof) en geluidsoverlast de voorkeur, maar is duur. Als alternatief kan worden gekozen voor fietstunnels en voetgangersbruggen.


Wegenstructuur: verbreding van de N206 en de benuttingsmaatregelen A4-N206.

De LMR is verheugd dat er naar alternatieven wordt gezocht voor Rijksweg 11-west.

De oost-west verbinding tussen Leiden en Katwijk is al jaren een ingewikkeld vraagstuk. De congestie op deze route is ernstig en leidt tot overmatige milieubelasting. Die moet worden tegengegaan, echter tegelijkertijd moet voorkomen worden dat doorstromings-maatregelen extra verkeer gaan aantrekken.

Voor wat betreft het voornemen tot verdubbeling van de N206 merken wij het volgende op:

De ramingen ten aanzien van de toekomstige verkeersbelasting op de N206 zijn gebaseerd op aannames waarvan sommige uitkomsten nog hoogst onzeker zijn:

1. Bebouwing van vliegkamp Valkenburg
2. Aanleg van de Rijn GouweLijn
3. Het vinden van een oplossing voor de doorstroming tussen A4 en A44.

Vooralsnog staat Valkenburg opnieuw ter discussie, en in het RVVP is het (nog) niet gelukt om een oplossing voor de verbinding A4 en A44 te ontwerpen. Terecht wordt in het RVVP dan ook opgemerkt dat verdubbeling van de N206 niet zinvol is als de doorstroming A4-A44 niet is geregeld. Toch wordt in de conclusies van het RVVP gesteld dat verdubbeling van de N206 noodzakelijk is.

De LMR is van mening dat de noodzaak tot verdubbeling van de N206 pas kan worden beoordeeld als er duidelijkheid is over bovengenoemde aannames. Immers, als Valkenburg niet bebouwd wordt en er geen passende oplossing komt voor de A4-A44 verbinding, hoe noodzakelijk is dan nog de verdubbeling van de N206?

Uit het RVVP kunnen wij bovendien niet opmaken in hoeverre de besluitvorming over de N206 –ook in de tijd- afhankelijk is gemaakt van een bevredigende oplossing van het A4-A44 vraagstuk. De LMR verzoekt het RVVP op dat punt te verduidelijken door expliciet aan te geven dat eventuele besluitvorming tot verdubbeling van de N206 pas plaatsvindt nadat er een bevredigende oplossing is gevonden voor het A4-A44 vraagstuk en nadat besloten is tot bebouwing van vliegkamp Valkenburg.

Met vriendelijke groet,

Stella ter Harmsel, voorzitter

 


 

Copyright © 2011 ---.
All Rights Reserved.

Joomla template created with Artisteer by Floris Wouterlood.